Milieu in Ruimtelijke Ordening
De DCMR wil een goede milieukwaliteit in Rijnmond en benut alle mogelijkheden om die kwaliteit te verbeteren.
Die mogelijkheden zijn in twee groepen te verdelen:
- de meest effectieve wijze: het aanpakken van de bronnen van milieuverontreiniging, zoals de industrie en het verkeer;
- aanvullend: het spoor van de ruimtelijke ordening gebruiken.
De noodzaak om bij ruimtelijke plannen rekening met het milieu te houden, neemt alleen maar toe. In de regio Rijnmond worden tot 2020 nog zo'n 60.000 woningen gebouwd, nieuwe wegen aangelegd en zullen zich meer bedrijven vestigen, bijvoorbeeld op de Tweede Maasvlakte. Dus zal ook het wegverkeer verder toenemen. Al met al reden genoeg om die nieuwe ontwikkelingen vanuit milieuperspectief zo goed mogelijk in te passen.
De DCMR speelt daarbij een belangrijke rol. Met de aanwezige milieukennis over geluid, luchtkwaliteit, externe veiligheid, bodemkwaliteit en energiebesparing zorgt onze inbreng voor een positieve impuls aan de plankwaliteit, en dus ook aan de leefomgeving. Het voorkomt bovendien dat een ruimtelijk plan, zoals een bestemmingsplan, bij de toetsing aan milieunormen strandt en het werk moet worden overgedaan.
De DCMR heeft ook de instrumenten om de planvorming te vereenvoudigen, zoals:
- een geografisch informatiesysteem (GIS) voor het analyseren en presenteren van ruimtelijke milieu-informatie en kaartbeelden, zoals geluidscontouren, de luchtkwaliteit en de bodemkwaliteit per locatie en de risicosituatie als gevolg van bedrijfsactiviteiten met, of het vervoer van gevaarlijke stoffen;
- de LOGO-methodiek voor het realiseren van een optimale ruimtelijke kwaliteit.