DCMR Milieudienst Rijnmond

MenuNaar de tekstMenu sluiten

Dossier bedrijven Heijplaat

Heijplaat ligt zuidelijk van de Nieuwe Maas. Tussen de Eemhaven in het westen en de Waalhaven in het Oosten. Te midden van haven en bedrijven. Inwoners ervaren onder andere overlast van twee afvalverwerkingsbedrijven die hier gevestigd zijn: Renewi en SUEZ. De DCMR is bij beide bedrijven verantwoordelijk voor de vergunningverlening, toezicht en handhaving op grond van de Wet Milieubeheer. Bij beide bedrijven is de Provincie Zuid-Holland het bevoegde gezag. Om de omwonenden op de hoogte te houden van de ontwikkelingen op het gebied van toezicht en handhaving bij bedrijven op Heijplaat, houden we deze informatie bij in dit dossier op onze website. We werken de informatie maandelijks bij. De laatste update is van 27 november 2017.

Vergunningverlening DCMR

Bij het verlenen van vergunningen zijn het bestemmingsplan en de milieu wet- en regelgeving het uitgangspunt voor de DCMR. De DCMR vergunt individuele bedrijven op basis van een aanvraag die een bedrijf indient. In het bestemmingsplan geeft de gemeente aan welke bedrijven zich in het gebied kunnen vestigen.

Bij een vergunningprocedure vraagt de DCMR de Veiligheidsregio Rotterdam om advies. DCMR neemt dit advies mee in de vergunningsprocedure.

Als er sprake is van een bestaande vergunning die niet meer past in de huidige tijd, dan kan de DCMR het initiatief nemen om een vergunning te wijzigen. Dit heet een ‘ambtshalve wijziging’. Aan zo’n wijziging van de vergunning zit een doorlooptijd van 6 maanden vast.

Toezicht en handhaving SUEZ

SUEZ is sinds 1998 gevestigd op de Waalhavenweg. De activiteiten bestaan uit de op- en overslag en sorteren van bouw- en sloopafval en diverse soorten bedrijfsafval. In 2009 is een revisievergunning verleend voor het op- en overslaan en sorteren van bedrijfsafval, bouw- en sloopafval en grof huishoudelijk afval en het bewerken van bedrijfsafvalstoffen. In 2010 en 2014 is de vergunning aangepast op de verwerking van kunststof. Dit  betreft een verschuiving (geen uitbreiding) van de te verwerken afvalstromen binnen de totale verwerkingscapaciteit.

SUEZ verving de sorteerinstallatie van bouw- en sloopafval in 2010 door een sorteerinstallatie voor de sortering van kunststofafval. In 2011 is deze sorteerstraat in gebruik genomen. Naast kunststof zijn in 2015 drankkartons en blik toegevoegd aan de afvalstroom die in de sorteerinstallatie worden verwerkt.

Geuroverlast

De DCMR legde SUEZ namens Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland op 13 mei 2016 een last onder dwangsom op vanwege geuroverlast. Als het bedrijf de vergunningvoorschriften met betrekking tot geuroverlast overtreedt, moet het een dwangsom betalen.Totale hoogte van de dwangsom is € 50.000. Op 23 augustus kwamen 9 geurklachten binnen bij onze meldkamer. Wij onderzochten deze klachten en stelden vast dat SUEZ de bron van de klachten was. Wat betekent dat de vijfde inning op de dwangsom een feit is. Daarmee is de dwangsom volgelopen. DCMR legde op 6 november een nieuwe last onder dwangsom op. SUEZ heeft tegen deze dwangsom bezwaar aangetekend bij het college van Gedeputeerde Staten van de Provincie Zuid-Holland.

SUEZ deed een proef met een actief koolstoffilter om geuroverlast te verminderen. De huidige proeftermijn liep in de week van 20 november af. De proef is verlengd. Dat betekent dat het mogelijk is om het filter in bedrijf te houden. Naar verwachting zijn er binnenkort voldoende gegevens uit de proefnemingen bekend, zodat er een aanvraag voor een veranderingsvergunning kan worden ingediend.

DCMR onderzoekt de stand van zaken op basis van geurklachten. De dienst loopt bij bepaalde weersvoorspellingen en verwachte windrichting ook op eigen initiatief geurrondes op Heijplaat.

Stofoverlast

Een buurbedrijf van SUEZ maakt zich zorgen over mogelijke aanwezigheid van asbest in houtstof. Om dit te kunnen onderzoeken, is op 23 november een monster genomen. De insteek van het onderzoek is afgestemd met het bedrijf die de klacht over het houtstof bij de DCMR indiende.

Renewi (voorheen: Van Gansewinkel)

Sinds het afbranden van de loods op 9 juli 2016 wordt buiten op het terrein gewerkt. Het bedrijf mag geen huishoudelijk en organisch afval meer verwerken. Deze afvalstromen worden op een andere locatie verwerkt. De manier waarop Renewi het afval op het buitenterrein verwerkt, voldoet aan de vergunningvoorschriften.

Om een brand tijdig te kunnen detecteren, werkt het bedrijf nu met een mobiele warmtebeeldcamera. Dit wordt opgenomen in de vergunning.

Tijdens de jaarlijkse controle van het bedrijf op 24 juli 2017, is aandacht geschonken aan de melding van omwonenden, dat er op het terrein vrachtwagens staan, beladen met gevaarlijke stoffen. Het blijkt dat er 's nachts en in het weekend inderdaad wel eens chemowagens van Renewi op het terrein worden geparkeerd. Deze chemowagens halen chemicaliën op, die in Moerdijk vernietigd worden. Het komt soms voor dat een dergelijk voertuig beladen met gevaarlijke stoffen een nacht of een weekend op het bedrijfsterrein wordt geparkeerd, tot dat het transport naar Moerdijk kan plaatsvinden. Renewi vroeg voor deze activiteit een omgevingsvergunning aan.

Op 13 november vond een administratieve controle plaats. Er zijn geen bijzonderheden geconstateerd.

Vliegenoverlast

De DCMR neemt de klachten over vliegenoverlast op en zet ze door naar Stadsbeheer van de gemeente Rotterdam. Stadsbeheer schakelt een gespecialiseerd bureau in om onderzoek te doen naar (de bron van) de overlast. Het  Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD) deed onderzoek in Heijplaat. De eindrapportage van het onderzoek is te vinden ophttps://www.rotterdam.nl/wonen-leven/dieren/#comp:00005a150459:00000015d5:591e

De conclusie is dat er geen sprake is van een plaag en dat er geen aanwijsbare bron is voor de ontwikkeling van de vliegen. Het KAD heeft voor zowel bewoners, gemeente, de bedrijven als DCMR aanbevelingen geformuleerd. De aanbevelingen richten zich vooral op het voorkomen van overlast.

Bluemarine (Boyz, Allseas)

De bewoners maakten zich ongerust over een vergunning die is afgegeven voor de opslag van onder andere gasflessen. De opslag van gasflessen was een uitbreiding van de activiteiten van het bedrijf. Daarvoor moest een vergunning worden aangevraagd.

De DCMR toetste de aanvraag en concludeerde dat de uitbreiding past binnen de regelgeving. De afstand tussen de gasopslag en omliggende bedrijven, valt ruim binnen de veiligheidsmarges die de wet stelt. De afstand tussen Renewi en de opslag bij Bluemarine bedraagt meer dan 500 meter.

Geluidhinder van schepen

Bewoners ervaren geluidhinder van afgemeerde schepen. Het gaat om geluid dat geproduceerd wordt door hulpmotoren, nodig vanwege de stroomvoorziening. Klachten hierover worden door de DCMR doorgegeven aan het Havenbedrijf Rotterdam. Het Havenbedrijf Rotterdam onderzoekt daarna of maatregelen mogelijk zijn.

De veroorzaakte geluidoverlast valt buiten de omgevingsvergunning. Overige geluidklachten over o.a. werkzaamheden aan schepen worden wel door de DCMR onderzocht.

Klachtenoverzicht, controles en handhavingsacties oktober 2017

In oktober ontving DCMR op 2 dagen (18 en 19 oktober) 5 klachten over geuroverlast. Wij onderzochten deze klachten niet.

Branden in de afvalverwerkingsbranche

Preventieve maatregelen

Branden komen bij afvalverwerkingsbedrijven in het hele land vaker voor. Daarom verkent de DCMR welke aanvullende maatregelen op het gebied van brandpreventie in de vergunning kunnen worden opgenomen. En controleert de DCMR  samen met de brandweer de afvalverwerkingsbranche extra  op brandpreventie.

Op dinsdag 3 oktober voerden DCMR en de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond (VRR), inspecties uit bij Renewi en SUEZ. Zij voerden de controles uit in het kader van het voorkomen van brand/broei bij afvalbedrijven. Hieronder staat het verslag dat de inspecteurs naar aanleiding van het bedrijfsbezoek maakten.

Focus inspectie

Tijdens de inspectie lag de focus op de afvalstromen die broeigevoelig en brandgevaarlijk zijn. De inspecteurs keken vooral naar de opslag van de afvalstromen. En naar de maatregelen die getroffen worden om broei en brand te voorkomen. De VRR controleerde voornamelijk op brandmeldinstallaties, sprinklerinstallaties, blusmiddelen, nooduitgangen en bouwkundige eisen.

Renewi

Renewi slaat divers afval op het buitenterrein op. De afvalstromen zijn goed gecompartimenteerd, zodat een eventuele brand binnen een vak blijft.

Eerder dit jaar is een brand geweest in de opslag van oude matrassen. Deze brand is zeer waarschijnlijk door broei ontstaan. Naar aanleiding van deze brand slaat Renewi de matrassen nu op in containers. Daardoor blijft het volume beperkt en worden de matrassen vaker afgevoerd.

Bij andere afvalstromen die gevoelig zijn voor broei, zoals huisvuil en geshredderd hout, is de afvoerfrequentie ook dusdanig hoog dat er te weinig tijd is om broei te laten ontstaan.

SUEZ

SUEZ ontvangt ca 75 % van het landelijk ingezamelde PMD (plastic, metaal, drankkarton). Het bedrijf scheidt deze stroom in diverse mono stromen plastic (PP, PE, PET, drankkarton) en metaal. Deze stromen zijn broeigevoelig vanwege de voedselresten in het plastic. De doorloopsnelheid van de scheidingsinstallatie is zo hoog dat al het PMD dat binnen komt, binnen een dag is verwerkt. De mono stromen worden dan ook heel regelmatig afgevoerd. Daardoor is hier geen last van broei.

Op het buitenterrein liggen ook diverse afvalstoffen opgeslagen, waaronder snoei- en takkenafval. SUEZ meet dagelijks de temperatuur in deze afvalstromen met een thermokoppel. De meetlans kan tot twee meter in het afval gestoken worden. Zo wordt ook de kerntemperatuur gemeten. Als die te veel oploopt, kan SUEZ direct maatregelen nemen.

Conclusie

Beide bedrijven nemen brand/broei in hun afvalstromen serieus en nemen maatregelen om de kans op brand zo klein mogelijk te houden. Maatregelen zijn onder andere compartimentering, hogere afvoerfrequentie en temperatuurmetingen. Daarnaast zijn de standaard brandpreventie middelen aanwezig.

Nieuwsberichten

Onderhoudsstop bij SUEZ op Heijplaat

SUEZ pakt het onderhoud tussen 25 november en 3 december in één keer groots aan, in een zo kort mogelijke periode, om zo weinig mogelijk hinder te veroorzaken.