DCMR Milieudienst Rijnmond

MenuNaar de tekstMenu sluiten

Dossier Chemours en Dupont

Dossier Dordrecht

Sinds 1 juli 2017 voert de DCMR in opdracht van de provincie Zuid-Holland taken rondom vergunningverlening, toezicht en handhaving uit bij de bedrijven Chemours en DuPont in Dordrecht. Beide bedrijven delen een industrieterrein en zijn in werking onder één vergunning. Tot 1 juli 2017 werden die taken uitgevoerd door de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ).

De informatie over de periode tot 1 juli 2017 vindt u op de website van OZHZ.

Milieu en veiligheid bij bedrijven

Bedrijven zijn primair verantwoordelijk voor het milieu en de veiligheid in en om het bedrijf en moeten tenminste binnen de verleende vergunning handelen. Dat geldt ook voor de bedrijven Chemours en DuPont. Voor Chemours en DuPont is de provincie Zuid-Holland het Wabo bevoegd gezag. Dat wil zeggen dat de provincie verantwoordelijk is voor vergunningverlening, toezicht en handhaving voor onder meer de onderwerpen veiligheid van de omgeving, emissie naar de lucht, geluidbelasting, het afvoeren van afvalwater via het riool en zogenaamde ‘nieuwe’ bodemverontreinigingen (alle bodemverontreinigingen die zijn ontstaan na 1987).

De DCMR beoordeelt namens de provincie vergunningaanvragen en meldingen van de bedrijven die betrekking hebben op milieu en controleert of de op het gebied van milieu geldende wettelijke regels en vergunningvoorschriften worden nageleefd. Ook stelt de DCMR een onderzoek in bij meldingen van overlast. Als regels niet worden nageleefd dan treedt de DCMR handhavend op in overeenstemming met de landelijke sanctiestrategie.

Bestuursrechtelijke maatregelen:

Dwangsom: een dwangsom wordt opgelegd om te zorgen dat een bedrijf een overtreding niet meer maakt. De hoogte van het geldbedrag is afgestemd op de zwaarte van de overtreding. Iedere keer dat het bedrijf opnieuw in de fout gaat, moet het deze dwangsom betalen.

Bestuursdwang: via bestuursdwang kan een toezichthouder het bedrijf geheel of gedeeltelijk stilleggen. Bijvoorbeeld door machines te verzegelen of de riolering af te sluiten.

Intrekking van de vergunning: de toezichthouder kan de vergunning geheel of gedeeltelijk intrekken. Het bedrijf is dan in overtreding voor de activiteiten die onder de vergunning vallen en moet hiermee stoppen.

Strafrechtelijke maatregelen:

Proces-verbaal: een groot aantal toezichthouders heeft opsporingsbevoegdheden. Dat betekent dat zij een proces-verbaal kunnen opmaken bij overtreding van de milieuregels. Een proces-verbaal kan leiden tot een geldboete, maar ook tot een dagvaarding (de zaak wordt dan voor de rechter gebracht).

Voorlopige maatregel: de officier van justitie kan bepaalde bedrijfsactiviteiten laten stoppen. In ernstige gevallen kan de rechter (een deel van) het bedrijf laten stilleggen.

Bestuurlijke Strafbeschikking Milieu: de directeur van de DCMR heeft de bevoegdheid bedrijven die de milieuregels (bewust) overtreden direct een geldboete op te leggen.

Bodemverontreinigingen na 1987 en zogenoemde indirecte lozingen, lozingen vanuit het bedrijfsproces in het riool, vallen onder de bevoegdheid van de provincie Zuid-Holland.
Oude bodemverontreinigingen (voor 1987) vallen niet onder de bevoegdheid van de provincie Zuid-Holland, die vallen onder de bevoegdheid van de gemeente Dordrecht.
Zogenoemde directe lozingen (dat zijn lozingen die rechtstreeks en niet via de waterzuivering van een Waterschap worden geloosd) op het oppervlaktewater vallen onder de verantwoordelijkheid van Rijkswaterstaat. De DCMR werkt intensief samen met de gemeente Dordrecht en Rijkswaterstaat.

De vergunningensituatie en de andere regels

De geldende vergunning voor de bedrijven Chemours en DuPont is afgegeven in 2013. In de vergunning staan voorschriften waaraan de bedrijven zich moeten houden op het gebied van milieu en veiligheid. Op dit moment werken DuPont en Chemours ieder aan een aanvraag voor een nieuwe vergunning. De bedrijven willen elk een eigen vergunning. De DCMR beoordeelt of de aanvragen voldoen aan de geldende wetten en regels en zal, op basis daarvan al dan niet overgaan tot verlening van twee vergunningen met daarin voorschriften.

Aanscherping vergunning op het proces ‘GenX’

GenX is een proces dat door Chemours is ontwikkeld ter vervanging van PFOA. PFOA werd gebruikt in het proces om onder meer teflon te maken, één van de producten van Chemours. Het product teflon wordt onder meer gebruikt in koekenpannen en computermuizen en  als smeermiddel. Het GenX-proces wordt nu in plaats van PFOA gebruikt om teflon te maken.

Zowel PFOA als de in het GenX-proces betrokken stoffen kunnen op verschillende manieren in het menselijk lichaam terecht komen. Dat kan bijvoorbeeld door inademing of het eten / drinken van producten die sporen van die stoffen bevatten. PFOA is een stof die lang in het menselijk lichaam aanwezig blijft, de in het GenX-proces betrokken stoffen verlaten het lichaam sneller. PFOA wordt niet meer gebruikt. De uit het GenX-proces vrijkomende stoffen zijn FRD-903 (naar water en lucht) en E.1 (naar de lucht).

Omdat het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, verantwoordelijk voor onafhankelijk (wetenschappelijk) onderzoek op het gebied van Volksgezondheid en Zorg, en Milieu en Veiligheid, geen zekerheid kon geven over de gevaarseigenschappen van FRD-903 en E.1 besloot de provincie Zuid-Holland tot aanscherpen van de vergunning op zowel FRD-903 als E.1. Die aangescherpte vergunning is sinds 6 juni 2017 van kracht. De hoeveelheid FRD-903 en E.1 die naar de lucht uitgestoten mag worden is aanzienlijk verlaagd, evenals de hoeveelheid FRD-903 die geloosd mag worden op het water (E.1 werd al niet geloosd op het water). Bovendien heeft het bedrijf de verplichting om te onderzoeken op welke wijze de emissies nog verder verlaagd kunnen worden. De provincie Zuid-Holland bepaalt de vergunde hoeveelheden op basis van geldende wetten en regels en beschikbare informatie. De provincie kan dus niet zomaar een vergunning aanpassen. Daarvoor moeten gefundeerde argumenten zijn.

FRD-903 en drinkwater

FRD-903, dat vrijkomt bij het GenX-proces, is in drinkwater aangetroffen. De hoeveelheid ligt onder de aangescherpte vergunde norm. Bij de inperking van de vergunde hoeveelheid indirecte lozing van FRD-903 uit het GenX-proces op het riool is de provincie Zuid-Holland, en daarmee de DCMR, gebonden aan landelijke en Europese regels.

Het rioolwater komt in de RWZI (rioolwaterzuiveringsinstallatie) van Waterschap Hollandse Delta. Hier wordt het afvalwater verwerkt en het gereinigde water wordt daarna geloosd op de rivier (de Merwede). Voor deze directe lozing op de rivier is Rijkswaterstaat het bevoegd gezag op grond van de Waterwet. Rijkswaterstaat verleent deze vergunning.

Aan drinkwater worden strenge eisen gesteld. Het ministerie van IenW  is het bevoegd gezag voor de Drinkwaterwet. Namens dit ministerie handhaaft de Inspectie Leefomgeving en Transport de wetgeving op het gebied van drinkwater. Voor de drinkwaterkwaliteit verwijzen we naar de websites van de drinkwaterbedrijven.

Door het voormalig ministerie van Infrastructuur en Milieu is op 16 februari 2017 een voorlopige richtwaarde  voor FRD-903 afgegeven. Deze richtwaarde geeft aan hoeveel een mens van deze stof gedurende lange tijd mag binnenkrijgen via drinkwater zonder de gezondheid te schaden. Deze richtwaarde wordt niet overschreden. Rijkswaterstaat heeft berekend bij welke indirecte lozing de drinkwaternorm ook in de toekomst niet wordt overschreden. Die hoeveelheid is door de provincie  opgenomen in de aangescherpte vergunning voor het GenX-proces. Ook heeft de provincie Chemours verplicht om te onderzoeken hoe het vrijkomen van FRD-903 naar lucht en water verder beperkt kan worden. Op dit moment ontbreken voldoende inhoudelijke gronden voor de provincie Zuid-Holland om het bedrijf te verplichten tot nog verdere beperking of volledige uitfasering van de lozing. Het wordt daarom niet haalbaar geacht om een besluit met die strekking te nemen.

Proefneming

Door de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid is aan Chemours goedkeuring verleend voor het doen van een proef om FRD-903 te filteren uit het afvalwater. Die proef loopt op dit moment. De DCMR volgt de resultaten van de proefneming.

Regelmatige inspecties door DCMR

Sinds 1 januari 2017 voert de DCMR tenminste eens per maand een inspectie uit bij Chemours en DuPont. Bij die inspecties wordt gecontroleerd of wettelijke bepalingen (uit het Brzo) en de voorschriften uit de vergunning worden nageleefd. De DCMR handhaaft bij overtredingen volgens de landelijke sanctiestrategie.

Zowel Chemours als DuPont zijn Brzo-bedrijven. Brzo staat voor Besluit risico's zware ongevallen. Daaronder vallen bedrijven die met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen werken. Brzo-bedrijven worden op de regels uit het Brzo geïnspecteerd. De samenvatting van de inspectierapporten van de gezamenlijke Brzo-inspecties van de DCMR met de veiligheidsregio en Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn in te zien op de website van BRZO+.

Om vast te stellen of de aangescherpte normen op de emissies naar water en naar lucht worden nageleefd neemt de DCMR monsters van het op het riool geloosde water en laat deze analyseren. Rijkswaterstaat beoordeelt of het water wat rechtstreeks geloosd wordt voldoet aan de gestelde normen. DCMR houdt ook toezicht op de emissies naar de lucht.

Overzicht documenten over Chemours

Hier vindt u een overzicht van documenten die betrekking hebben op de situatie bij Chemours. Het gaat om documenten van 1 juli 2017 tot nu. Documenten van voor 1 juli 2017 kunt u vinden op de website van OZHZ.

Nieuwsberichten

Provincie neemt maatregelen tegen lozingen Chemours

Dordrecht

De provincie Zuid-Holland heeft recent bij een lozing van afvalwater door Chemours, PFOA aangetroffen. Het gaat om een indirecte lozing naar de rioolwaterzuivering van met PFOA verontreinigd afvalwater.