DCMR Milieudienst RijnmondMenuNaar de tekstMenu sluiten
Milieumelding? Bel 0888 333 555

“DCMR wil bijdrage leveren aan versnellen duurzaamheid haven”

Nieuwsbericht Rotterdam

Laatst gewijzigd

Het moment om klimaatmaatregelen te nemen in de haven is nu, aldus DCMR-directeur Rosita Thé tijdens het congres Rotterdam Energy Port 2020.

Daar ging het over duurzaamheid in de haven. "De doelstellingen zijn ambitieus," aldus Thé, “maar als het ergens kan, dan is het in de Rijnmond.” DCMR is graag van de partij. Thé: "We doen meer dan handhaven. We hebben deskundigheid in huis, we hebben contacten in Den Haag, we willen meebewegen met maatschappelijke ontwikkelingen.” Op het congres, dat woensdag online plaatsvond, kwamen bedrijven en instanties samen om de overgang naar duurzame energie, de energietransitie, te versnellen. Voor de gemeente Rotterdam zat wethouder Arno Bonte aan tafel en ook Hans Grünfeld, bureaudirecteur van de Vereniging voor Energie, Milieu en Water, was een van de sprekers. Voor het ministerie van Economische Zaken nam Sandor Gaastra, directeur-generaal Klimaat & Energie deel. Dagvoorzitter was Alice Krekt, programmadirecteur van het Deltalinqs Climate Program.

Verduurzaming is belangrijk: de broeikasgassen die vrijkomen bij het gebruik van fossiele energie zijn een veroorzaker van de opwarming van de aarde. Om te zorgen dat de maatregelen er echt komen, is het Rotterdams Klimaatakkoord gesloten. Een belangrijk onderdeel daarvan is het zogeheten Versnellingshuis, waarin overheden en bedrijfsleven samenwerken. Thé: “Natuurlijk nemen we daarin deel. Onze inzet is de transitie te versnellen. Waar kunnen we kennis delen, hoe kunnen we vergunningen goed en snel inrichten.” Er wordt wel eens gedacht dat het betrekken van de toezichthouder vertragend werkt. Thé: “Natuurlijk moet alles binnen de spelregels en met bescherming van de leefomgeving, daar zijn wij van. Duidelijk is dat we samen initiatieven moeten nemen, met vertrouwen in elkaar. Dit vergt moed, en de bereidheid coalities te vormen om barrières weg te nemen, want we hebben weinig tijd. De DCMR levert graag haar bijdrage.”